> Home > rijden > veiligheid
Lange ritten

De tijd is voorbij dat het gros van de motorrijders enkel hun motor ter beschikking hadden om zich te verplaatsen. Momenteel gebruikt het merendeel van de motorrijders dat voertuig bijna uitsluitend recreatief, met uitzondering van diegenen die er hun woon-werkverkeer mee doen. Hoeveel kilometer er per dag gemiddeld worden gereden is dan ook zeer moeilijk te schatten; wat vast staat is dat slechts weinig motorrijders gewoon zijn om op één dag een rit te maken die meerdere honderden kilometers lang is.

Meestal blijft het rijden van die lange trips beperkt tot enkele keren per jaar. Het hoogtepunt wordt daarbij bereikt wanneer er met de motor op reis wordt gegaan. Om dergelijke ondernemingen tot een veilige en aangename bezigheid te maken, gaan we hier wat dieper op deze materie in. De technische raadgevingen voor de motor, de bagage en het reisplan zelf laten we hier bewust achterwege want daar hebben we het de vorige jaren reeds uitvoerig over gehad, kijk er gerust de subrubrieken reizen, rijtechniek en veiligheid onder deze link http://www.motornet.be/rijden/index.html maar even op na.

Lange tochten, ze spreken de gemiddelde motorrijder zeker aan. Toch beginnen slechts weinig piloten goed voorbereid aan een dergelijke onderneming. Met de motor –hopelijk verkeert die in goede conditie – volledig afgetankt en het oliepeil op maximum denken velen dat ze er volledig klaar voor zijn. Maar hoe zit het met de bestuurder en zijn passagier? Zijn die degelijk voorbereid op een rit die hen vele honderden kilometers –of misschien wel duizenden kilometers- van hun vertrekplaats moet brengen? Jammer genoeg is dat meestal niet het geval…

Om een lange tocht veilig en aangenaam tot een goed einde te brengen moet je in de eerste plaats in een goede fysieke conditie verkeren. Is dat niet het geval, dan zal het rijden van lange afstanden je binnen de kortste keren zuur opbreken. Tenslotte zit je urenlang in zogoed als dezelfde houding op de motor en moet je daarbij weer en wind trotseren. Die omstandigheden eisen heel wat van je fysiek –meer dan je op het eerste gezicht zou kunnen verwachten- en leiden indien je niet over een goede conditie beschikt al snel tot pijnlijke spieren en gewrichten. Die maken van je rit een ware marteling en zorgen voor een sterk verminderde concentratie. Maar daarover verder in dit artikel meer; met het vooruitzicht op een lange motortocht zorg je er dus in de eerste plaats maar beter voor dat je je fysieke conditie een beetje op peil brengt.

Verkeert je lichaam in goeden doen, maar ben je moe op het moment van het vertrek dan kom je niettemin toch nog in de problemen en dat veeleer vroeg dan laat. Een vermoeid lichaam bevelen om nog maar eens een stevige inspanning te leveren vraagt heel veel mentale energie en maakt dat je reisplannen danig in de war kunnen geraken. En dat is geen boekenwijsheid; dit hebben we aan den lijve ondervonden: ooit vertrok ondergetekende op reis nadat hij de nacht daarvoor de beruchte Gentse Feesten –tot in de vroege uurtjes- had bezocht. Daar heeft hij héél veel spijt van gekregen. De kilometers leken hem minstens mijlen toe en slechts rijdend op het tandvlees werd het doel bereikt. Geef toe; je kan je vakantie op een aangenamere manier beginnen…

Naast de ongemakken onderweg ten gevolge van een slechte fysieke conditie of vermoeidheid schuilt er een ook wezenlijk gevaar onderweg als je in die staat de baan opgaat: afgeleid door spierpijnen, krampen en vermoeidheid kan je je veel moeilijker concentreren op hetgeen zich om je heen afspeelt. Je kan niet optimaal de indrukken verwerken die op je afkomen en daardoor ga je beoordelingsfouten maken. Je schat je eigen snelheid en die van de andere weggebruikers bijvoorbeeld onvoldoende in, je voelt het gedrag van je motor minder scherp aan, je besteedt meer energie en aandacht aan het aftellen van de nog af te leggen kilometers dan gezond voor je is. Ook krijg je na verloop van tijd te kampen met “tunnelzicht”. Dat dit fenomeen optreedt kan je merken op het ogenblik dat je jezelf betrapt dat je heel geconcentreerd voor je uit zit te staren en slechts weinig aandacht vertoont voor de rest van je omgeving. Onmiddellijk van de baan afgaan om even bij te komen is dan de enige gezonde oplossing; zoniet komen er geheid brokken van. Ook psychologisch fit zijn is dus een aanrader voor wie lange tochten wil maken.

Goed voorbereid vertrekken is één ding; onderweg fit blijven is een andere zaak. Om de vermoeidheid onderweg tegen te gaan bestaan er gelukkig een paar probate middeltjes. Neen, we gaan het hier niet hebben over die wondermiddeltjes die in sportmiddens doping genoemd worden maar wel over een gedragscode die véél meer aarde aan de dijk zet. Draag in de eerste plaats steeds specifieke motorkledij waar je je goed in voelt. Knellende kledingstukken, laarzen, handschoenen of helmen zorgen na verloop van tijd niet alleen voor veel ongemak, maar verminderen ook de bloedsomloop waardoor je met pijnlijke of “slapende” lichaamsdelen wordt geconfronteerd. Zorg ervoor dat je kledij waterdicht is of dat je je regenkledij onderweg bij de hand hebt want nat kilometers vreten is écht geen grapje. Ook koude lijden onderweg is af te raden: koude spieren werken niet echt goed (je reactievermogen vertraagt) en houden je geest bezig, wat afleiding veroorzaakt. En dat kunnen we echt niet hebben.

Het is ook geen slecht idee om, net voor je vertrekt, eerst wat lichaamsbeweging te nemen. Net als de “echte” sportmensen even stretchen is geen slechte gewoonte, daarmee maak je je spieren en gewrichten los en voorzie je je lichaam van de nodige brandstof. Je bloedcirculatie wordt er namelijk door verbeterd en die is voor ons lichaam nu eenmaal dé bron van energie. Met onvoldoende aangeleverde lucht en brandstof kan een motor ook niet optimaal draaien en voor je lichaam is dat net zo…

Vervolgens gaan we er op letten dat we ook tijdens het rijden voldoende zuurstof binnenkrijgen. Ligt voor de hand zal je denken, maar dat is beslist niet zo: de meeste motorrijders ademen namelijk -eenmaal ze rijden- slechts héél oppervlakkig. Probeer het zelf maar eens uit en je zal versteld zijn hoe weinig je je longen onderweg volledig met verse lucht vult. Dat fenomeen vindt waarschijnlijk zijn oorsprong in ons onderbewustzijn dat ons vertelt dat we anders wel eens met een aangedampt vizier te maken kunnen krijgen. Van dat waanidee moeten we beslist af; daar zijn betere oplossingen voor. Maar terug nu naar onze ademhaling. Het probleem is dat wanneer je slechts oppervlakkig ademhaalt, je niet voldoende zuurstof naar binnen krijgt om je lichaam optimaal te laten functioneren. Het bloed wordt daardoor onvoldoende van zuurstof voorzien en dat laat zich gelden: je raakt sneller vermoeid en dit zowel fysiek als mentaal, je krijgt krampen en de volgende dag heb je last van spierpijnen. Regelmatig en diep in- en uitademen onder het rijden zal dat tegengaan. Probeer het de volgende keer dat je de baan opgaat maar eens uit, dan weet je alvast meteen of je vizier genoeg beschermd is tegen aandampen om deze techniek te kunnen toepassen…

Wat ook helpt om onderweg zowel fysiek als mentaal in optimale vorm te blijven is geregeld eens te stoppen. Plan die stops nog voor je vertrekt in en bespreek je plan met je duo, zo weet je beiden wat er je onderweg te wachten staat op dat vlak. Meer dan 200 kilometer zonder tussenstops afhaspelen is een uiterst slecht idee, ook al lijkt dat achteraf misschien héél macho. Beter is het om bij lage tochten vroeger even aan de kant te gaan. Indien je motor een autonomie heeft van ongeveer 250 kilometer, dan kan je er bijvoorbeeld voor kiezen om elke 125 kilometer een korte stop in te lassen.Om de twee stops heb je dan een tankbeurt, wat extra tankstops overbodig maakt. Een tiental minuten verpozen is meestal genoeg om terug op krachten te komen.

Maak van die stops gebruik om je spieren los te maken en enkele keren écht diep in en uit te ademen. Maak indien de omstandigheden het toelaten die zware motorkledij ook maar even los, loop een blokje om en maak gebruik van het sanitair wanneer dat voorhanden is. Je zult daarna nog zo graag terug in het zadel kruipen. Dit is bovendien ook hét moment om iets te nuttigen want eten en drinken op een rijdende motorfiets is nu eenmaal geen voor de hand liggende bezigheid.

Vraag het de ervaren motorreizigers maar eens: ook zij zijn in het begin van hun carriere tijdens het maken van lange tochten wel eens vergeten dat een mens moet eten en drinken om het er goed vanaf te brengen. Rijdend op een motorfiets droog je namelijk snel uit en omdat je spieren bijna ongemerkt gans die tijd in de weer zijn hebben die ook op tijd en stond hun voedsel nodig. Maak van die stops dus onverwijld gebruik om de innerlijke mens te sterken. Wat de drank betreft kunnen we kort zijn: enkel alcoholische of héél sterk bruisende dranken zijn echt te vermijden; de rest is allemaal geschikt. Vermijd wat voedsel betreft alles wat je zwaar op de maag komt te liggen. Met een volle maag rijden is niet alleen voor sommigen onder ons heel ongemakkelijk, maar er moet ook heel wat bloed naar die maag om alles netjes te kunnen verteren. Iets wat tot slaperigheid en dus concentratieverlies kan leiden en we dus beter mijden als de pest. Meerdere keren kleine hoeveelheden tot je nemen is dus de boodschap. En nu we het toch over boodschappen hebben: té veel eten en drinken onderweg heeft nog een ander naar gevolg: je zal daardoor veel meer tijd op het sanitair moeten doorbrengen en dat is zowel voor jezelf als voor je medereizigers heel vervelend. Tenslotte is het de bedoeling dat je van het rijden geniet en daarbij niet om de haverklap een toilet moet gaan opzoeken. Er zijn beslist interessantere dingen die je op je reisweg wilt bekijken…

Eén van de meest gestelde vragen die ons gesteld worden is hoeveel kilometer je per dag kunt afleggen en wat de ideale gemiddelde snelheid daarbij is. Een zinnig antwoord hebben we op deze vraag niet kant en klaar liggen want daarvoor lopen de omstandigheden onderweg te veel uiteen. Denk maar eens naar de weersomstandigheden onderweg en de staat van de wegen, om de al dan niet heersende verkeersdrukte niet te vergeten. Ook hangt veel af van het type motorfiets dat gebruikt wordt en de mogelijkheden van de bestuurder en zijn eventuele duopassagier. Ook de hoeveelheid bagage die vervoerd wordt en hoe die gepakt is speelt een grote rol…

Wat de snelheid betreft raden we aan die niet te hoog te leggen. Snel rijdend heb je immers veel meer concentratie nodig en dat vreet na een tijdje aan je geestelijke vermogens. Bovendien zal je motor meer brandstof verbruiken en zal je dus meer tankbeurten moeten inlassen. Daarenboven maak je snel rijdend meer kans op een ongeval want in regel heb je geen ervaring met de weg waarop je rijdt en zijn de gebruiken van je medeweggebruikers je ook niet altijd bekend.

Héél veel kilometers op één dag rijden is ook niet aan te raden. Wij houden als regel aan dat we per dag –in optimale omstandigheden- niet meer dan 600 kilometer willen/kunnen afleggen. Akkoord, heel heldhaftig komt dat beslist niet over op de omstanders aan de toog van het motorcafé, maar daar hebben we geen problemen mee. Dat we misschien een dagje lager onderweg zijn nemen we er zelfs graag bij. Wordt het ons onderweg door omstandigheden te gortig dan zoeken we zelfs vroeger een slaapplaats op. De redenen waarom we op die manier willen reizen zijn de volgende:

• Als je deze manier van reizen gebruikt heb je onderweg nog de tijd om iets te zien van het land dat je doorkruist.
• Als je goed voorbereid bent hou je aan een trip van 600 kilometer fysiek en mentaal geen kater over, dus kan je de volgende dag terug dezelfde prestatie leveren én je ziet niet op tegen de terugweg. Ben je al op je bestemming na één dag reizen, dan kan je al volop genieten.
• Rij je met een motor met een kettingaandrijving dan kan je volstaan met ’s avonds of de volgende dag je ketting te smeren, anders moet dat -afhankelijk van de weersomstandigheden- misschien wel onderweg gebeuren als je het goed wilt doen. Je ketting smeer je best wanneer ze nogwarm is: de olie loopt vloeiender tussen de schakels en krijgt meer tijd om zich te hechten, dan net voor je vertrekt.
• Indien je onder optimale omstandigheden maximaal 600 kilometer aflegt op één dag -en die afstand in etappes aflegt- blijf je tot het eind van de dag toe voldoende alert om gevaarlijke situaties aan te voelen en ze te vermijden.

Het grootste voordeel dat een dergelijk reisplan biedt is echter dat je vanaf het moment dat je vertrekt écht van je vakantie kunt genieten en dat je weet dat je veilig onderweg bent. En dat -dames en heren- is toch in de eerste plaats de bedoeling?!