> Home > rijden > veiligheid
Daar is de lente! Daar is de zon!

Noem me gerust een zonderling, maar toch beken ik hier onomwonden dat ik soms met toch wel vreemde gedachten rondloop. Toen ik onlangs bij een dealer een lot motoren in het oog kreeg dat klaarstond om afgehaald te worden door hun kersverse eigenaars vroeg ik me af hoe het leven van deze motoren zich zou voltrekken. Hoeveel zouden er het geluk hebben om –misschien wel onder de konten van verschillende generaties motorrijders- waardig oud te worden? Zouden ze liefdevol vertroeteld worden door hun eigenaars of genadeloos afgejakkerd worden tot ze er volledig uitgeput en uit pure ellende de brui aan geven? Misschien stond er wel eentje bij die nooit in één stuk de volgende zomer zou kunnen aanschouwen. Ook motoren hebben hun lot helemaal niet in de hand…

Lugubere gedachten voor een motorrijder? Misschien wel, maar de realiteit is nu eenmaal zo. Met het smelten van de laatste sneeuw en de komst van de eerste dagen met zacht weer borrelt het gevoel van “het motorrijder zijn” weer in heel wat harten op. De drang om op pad te gaan met de motor, die onder de druk van de winterkoude verschrompelde tot een vage herinnering, neemt terug proporties aan die tot daden aanzet. Het al dan niet nieuwe ros wordt dan klaargestoomd, de motorkledij wordt uit de kast gehaald en de weersverwachtingen worden terug belangrijk. Hoe het met de mentale en fysieke staat van het mannetje of het vrouwtje die met de motor zal gaan rijden is gesteld, vraagt zich echter zo goed als niemand af. En net dat is even gevaarlijk als rijden met een motor met te weinig olie erin of met een te lage bandendruk…

De mens is namelijk een gewoontedier, dat heel snel allerlei trucjes kan aanleren, maar die die kunstjes moet onderhouden om de verworven kunde op peil te kunnen houden. Motorrijden is toch net als zwemmen of fietsen zegt men wel eens; je verleert het nooit. En dat is juist. Maar als je ooit al eens maandenlang niet gezwommen hebt en daarna plots probeert een snelle tijd neer te zetten, dan blijkt dat verdomd tegen te vallen. Je mag dan nog zo goed je best doen en de indruk hebben dat je beslist een wereldprestatie neerzet; de chrono bewijst je alras het tegendeel. Niets aan de hand zal je zeggen; en gelijk heb je… Trek je de vergelijking nu door naar het motorrijden dan zijn de mogelijke gevolgen van de maanden inactiviteit die je achter de rug hebt beslist veel erger. In plaats van zwaar hijgend met ongeloof in je ogen naar de chrono te staan kijken, kan het je namelijk gebeuren dat je onzacht tegen de vlakte gaat of je motor al rijdend parkeert in één of andere flank van een auto. Inderdaad, een mens mag er feitelijk niet te lang bij stilstaan dat dit kan gebeuren, maar statistisch gezien vinden er nu eenmaal meer motorongevallen plaats aan het begin van het motorseizoen, dan op het einde ervan. Dat is nu eenmaal de harde realiteit…

De oorzaken van die ongelukkengolf zijn velerlei. In de eerste plaats zijn de motorrijders die een winterslaap hebben gehouden de finesses die ze vorig jaar aan het einde van het seizoen bezaten een beetje kwijt. Ze hebben de gehele winter in een weliswaar comfortabele, maar toch beduidend trager reagerende wagen doorgebracht en zijn daardoor de scherpte van hun reflexen een beetje kwijt. Het inschatten van de snelheid die je zelf hebt en die van de anderen om je heen wordt bovendien veel kritischer indien je die handeling uitvoert op een motor dan in een wagen. Een motor remt namelijk minder hard dan een wagen en staat slechts op twee wielen. Een blokkerend wiel is bij een motor al genoeg om uit balans te geraken, terwijl datzelfde fenomeen bij een bestuurder van een wagen hoogstens voor een eventjes verhoogde hartslag zorgt. De rijlijnen van een motor zijn bovendien ook anders dan die van een auto, de mogelijke acceleratie is veel feller en de krachten die je moet opvangen als je hard remt zijn veel meer geconcentreerd op je bovenlichaam, dan in een wagen het geval is. Met andere woorden: zowel de geest als het lichaam van een motorrijder worden veel zwaarder belast dan die van de gemiddelde autobestuurder. En dat zijn de motorrijders die al een tijdje op non-actief hebben gestaan allemaal niet meer gewoon.

Een veel over het hoofd geziene oorzaak van die gevaarlijke eerste bloei in de motorlente is echter afkomstig van de autobestuurders. Die hebben in de herfst en de in winterperiode slechts nog sporadisch een motorfiets op de weg gezien en zijn dus niet echt meer gewoon om het specifieke rijgedrag van een motor nog accuraat in te schatten. Het gewoontebeestje weet je wel… De maneouvres die ze anders zonder veel problemen maken, blijken nu al snel heel gevaarlijk te zijn, die gemotoriseerde tweewielers lijken wel uit het niets plots overal op te duiken, vanonder onzichtbare stenen tevoorschijn te kruipen en dat in aantallen waarvan het hun in het hoofd gaat tollen… Met alle gevolgen van dien! Vraag maar eens aan de vakmensen die in tweedehands onderdelen doen wanneer ze de meeste wrakken aangeboden krijgen en je zal beseffen dat het bovenstaande geen loze woorden zijn.

Als motorrijder kan je gelukkig een aantal dingen doen die je meer kans geven om deze gevaarlijke periode zonder kleerscheuren door te komen. In de eerste plaats moet je je altijd voorhouden dat je terug moet wennen aan het rijden met de motor. Nederigheid en zelfkennis werpen –meer dan ooit- écht hun vruchten af in dit jaargetijde. Ook is het geen gek idee om extra defensief te rijden gedurende de eerste lentemaanden. Dat geeft je een extra marge indien een andere weggebruiker je niet tijdig heeft opgemerkt om de verkeerssituatie juist te kunnen inschatten. Dat je motor perfect in orde moet zijn bij de seizoenstart is ook logisch, maar toch zien we heel veel motoren op hun eerste ritten van het jaar vertrekken met te lage bandenspanningen of versleten remmen. Kort samengevat is de op één na beste raad die we jullie kunnen geven in dit geval kort en bondig: bezint eer je begint…

Wie het bovenstaande allemaal mooi vindt, maar écht goed voorbereid aan het seizoen wil beginnen, geeft zijn motor een fikse beurt en volgt een cursus rijtechniek. Daarmee stel je orde op zaken en scherp je niet alleen je bestaande, doch sluimerende rijkunde aan, maar leer je waarschijnlijk enkele vaardigheden die je perfect van pas kunnen komen in de jungle die vandaag de dag het straatbeeld uitmaakt. Het goede voorbeeld wordt ons elk jaar terug gegeven door de mannen die tot de beste piloten ter wereld gerekend worden; zelfs de MotoGP en de Superbike- en Supersport piloten nemen deel aan voorjaarstrainingen. Dat doen ze écht niet alleen om hun nieuwe motoren uit te proberen, maar ook om zichzelf terug vertrouwd te maken met het gevoel dat ze nodig hebben om héél veilig én accuraat hun motoren te kunnen beheersen. En wie zijn wij om de noodzaak daarvan in twijfel te trekken…?!