> Home > rijden > veiligheid
Lentekriebels
De eerste zonnestralen hebben weer heel wat motorrijders uit hun luie zetel gepord. Zij die tijdens de winter alleen maar van motorrijden dromen –en dat zijn er heel wat- hebben hun ros van stal gehaald, het stof van hun zadel geblazen en zijn terug de baan opgegaan. Genietend van hun herontdekte hobby zie je ze overal opduiken. Dat ze daarbij net nu heel wat risico’s lopen, lijkt hen volledig te ontgaan.

Het bovenstaande scenario is traditioneel verbonden aan de komst van de lente. Wat ook traditioneel is, is het feit dat in de eerste maanden na de winter de meeste ongevallen plaatsvinden waarbij motorrijders zijn betrokken. Waarom dat gebeurt zal een leek volledig ontgaan, maar wanneer je als motorrijder even dieper op dit gegeven ingaat, zal er je wellicht een licht opgaan. Om hen, die nu toch nog zitten te worstelen in de duisternis te helpen, hebben we een korte beschouwing gemaakt over het waarom van dit jaarlijks weerkerene fenomeen dat ettelijke levens kost en er nog veel meer verwoest.

Waarom er zoveel motorongevallen genoteerd worden in de prille lente is te herleiden tot één enkel gegeven: met een motor rijden moet je gewend zijn. Nu hoor ik velen onder jullie al meteen smalend opmerken dat jullie al sinds mensenheugnis met de motor rijden en dus geroutineerd zijn in het besturen ervan. Op zich is er met deze stelling niets mis, maar toch klopt ze niet volledig. Ook wat je in theorie perfect beheerst, moet je namelijk nog steeds genoeg doen om er héél handig in te blijven. De mens is namelijk hét gewoontedier bij uitstek en om zowel fysiek als psychisch perfect bij de zaak te zijn moet hij het liefst dagelijks zijn aangeleerde kunstjes oefenen. Met motorrijden is het niet anders. Bovendien is motorrijden een heel complexe bezigheid, die heel wat van je geestelijke en fysieke vermogens vergt. Meer dan bij het besturen van een auto worden zowel je inschattingsvermogen, je stuurvaardigheden en je reflexen op de proef gesteld, ook al doe je het rustig aan en rij je heel defensief.

In vergelijking met een auto remt een motor namelijk minder goed, terwijl hij veel sneller accelereert dan de doordeweekse vierwielers. Ook is de invloed van de staat van het wegdek veel belangrijker én ben je als motorrijder veel minder zichtbaar op de weg. De omstandigheden waarin je tijdens de prille lente rondrijdt zijn ook verre van optimaal: de laagstaande zon verblindt jou, zowel als je medeweggebruikers en de nog relatief vroeg vallende duisternis helpt beslist ook niet mee om de zichtbaarheid te verhogen. Voeg daarbij de veel voorkomende regenbuien en het mag een wonder heten dat er niet meer slachtoffers vallen. De meeste automobilisten zijn immers niet meer gewoon dat er veel motorrijders op de baan zitten, want gedurende de wintermaanden zijn ze maar af en toe met enkele zeldzame exemplaren geconfronteerd geweest. En die verplaatsten zich meestal héél voorzichtig en reden waarschijnlijk super defensief…

Wil je veilig de eerste motormaanden van het jaar doorkomen, dan kan je misschien overwegen om de volgende punten in acht te nemen. Je weet maar nooit; misschien kunnen ze wel je leven redden.

Zie erop toe dat je motor in perfecte staat verkeert:

  • Controleer de werking van de verlichting, het remlicht en je richtingaanwijzers. Goed zien is één ding, gezien worden is zo mogelijk nog belangrijker.
  • Ga na of de banden nog in goede staat zijn en breng ze op de juiste spanning. Banden verliezen hun spanning ook wanneer ze niet gebruikt worden en met een te lage bandenspanning stuurt en remt je motor veel minder goed.
  • Kijk het niveau en de staat van de remvloeistof na en vul bij, of laat ze vervangen indien nodig. Vocht tast namelijk de goede werking van de remolie aan. Laat tenminste om de 2 jaar je remvloeistof vervangen.
  • Kijk het olieniveau in de motor na en vul bij indien nodig, of laat de olie vervangen. Met een tekort aan olie rijden kan ernstige motorschade veroorzaken. Laat tenminste éénmaal per jaar je motorolie vervangen.
  • Ga de staat van je remsystemen na en controleer deze op hun werking. Door lange inactiviteit kunnen er storingen in de werking optreden die heel onaangenaam zijn (geblokkeerde zuigers in je klauw bvb.).
  • Kijk bij een vloeistofgekoelde motor is het niveau en de staat van je koelvloeistof na. Vul bij indien nodig en laat deze tenminste om de 2 jaar vervangen.

Persoonlijke uitrusting:

  • Kijk de staat van je helmvizier na. Gekraste vizieren dien je onverwijld te vervangen omdat ze in belangrijke mate het zicht belemmeren.
  • Zorg ervoor dat je vizier niet kan aandampen. Monteer indien nodig een systeem om dampvorming tegen te gaan; dat kan zowel een mechanische als een chemische oplossing zijn. Ook in de lente kan je vizier ten gevolge van temperatuurschommelingen aandampen, hetgeen je het zicht op de weg beneemt.
  • Zorg er steeds voor dat je geen kou lijdt op de motor. De koude doet je concentratievermogen en je spierwerking verminderen, waardoor je reflexen minder goed zullen zijn als het erop aankomt.

Mentale & fysieke voorbereiding:

  • Ga er niet van uit dat je nog even bedreven bent in het besturen van je motor indien je enkele weken of maanden niet hebt gereden. Wat je vorige zomer kon, kan je nu slechts terug na ettelijke uren oefenen.
  • Wen aan de acceleratie van je motor; niet door er meteen de beuk in te gooien, maar benut het vermogen progressief. Eerst na enkele honderden kilometers zal je geest terug aan de fantastische acceleraties van je motor gewend geraakt zijn.
  • Probeer de remkracht van je motor uit op een veilige, rustige weg. Even de remtechnieken opfrissen kan nooit kwaad, maar daar wacht je beter niet mee tot het moment waarop je leven ervan afhangt.
  • Besteed extra aandacht aan de correctheid van de lijnen die je voor je motor uitzet in de bochten. Ook hier is het wenselijk een zekere gewenningsperiode in acht nemen.
  • Hou er rekening mee dat de automobilisten niet meer gewoon zijn om de snelheid en de acceleratie van een motor perfect in te schatten.
  • Wanneer je met een duo rijdt, zal ook die zich terug moeten aanpassen aan de specifieke vereisten die nodig zijn om veilig op een motor te kunnen (mee)rijden.
  • Ga enkel goed uitgerust op pad. Zowel je fysieke als je mentale capaciteiten zullen tijdens de eerste honderden kilometers meer dan ooit op de proef worden gesteld.
  • Overweeg een verdergezette rijopleiding te volgen om je rijtechniek op te frissen. Sommige –zoals de screenings van de Vlaamse overheid- zijn zelfs gratis. De prijs van een opleiding kan nooit opwegen tegen het leed dat de gevolgen van een ongeval teweeg kan brengen.

Tot slot nog deze wijze raad die we zelf toepassen op aanraden van een Britse motorkoerier: Maak er een spelletje van en ga ervan uit dat elke andere weggebruiker er altijd op uit is om je van de baan te rijden. Op die manier rij je onbewust héél defensief en blijf je langer leven. De man is waarschijnlijk de énige motorkoerier in Londen die nog geen zwaar ongeval heeft gehad en dat wil toch wel héél wat zeggen voor zijn stelling…